default_mobilelogo

Schilderen met olieverf

 

Wil je graag leren schilderen met olieverf? Ben je een totale leek hierin? Dan helpen we je graag met het bijbrengen van wat kennis over de verschillende producten en materialen die je nodig hebt.

 

Les 1: Welke verf kies ik?

Les 2: Welke penselen gebruik ik?

Les 3: Op welke ondergronden kan ik schilderen?

Les 4: “alla prima” schilderen

Les 5: “gelaagd” schilderen

Les 6: Verdunners en mediums voor olieverf

Les 7: Kleuren mengen met olieverf

Les 8: Mijn olieverfschilderij vernissen

Les 9: Aanschaf materiaal

Les 10: inlijsten

 

Les 1: Welke verf kies ik?

 

Er zijn veel verschillende olieverven te verkrijgen. Als beginnende schilder wil men vaak eerst ontdekken en experimenteren. Je wil liever niet meteen topkwaliteit maar toch goede kwaliteitsverf hebben voor weinig geld. Welke verf kies ik het best?

 

We kunnen bij (olie)verf drie verschillende kwaliteiten onderscheiden. Bijna ieder merk heeft artiestenverf (hoge kwaliteit) en studieverf (gemiddelde kwaliteit). Daarnaast kennen we ook de “supermarktverf” (lage kwaliteit). Olieverf van hoge kwaliteit bevat het meeste pigment en heeft een hoge lichtechtheid (verkleurd niet). Bij lage kwaliteitsverf zijn er minder pigmenten aanwezig en meer namaakpigmenten. Deze olieverf is meestal ook weinig tot niet lichtecht.

 

Beginners kiezen het best voor studieverf. Deze is een mooie middenweg tussen de drie verschillende soorten kwaliteitsverf. Je start niet meteen met topkwaliteit maar zeker ook niet met slechte verf. Vele schilders blijven zelfs bij studiekwaliteit en hebben slechts een aantal tubes verf van artiestenkwaliteit, dat kan perfect!

 

Een aantal merken olieverf en de kwaliteit ervan

  • Royal Talens:

    1. Rembrandt is een olieverf van artiestenkwaliteit.

    2. Van Gogh is een olieverf van studiekwaliteit .

    3. Art Creation is een olieverf van supermarktkwaliteit.

  • Daler-Rowney:

    1. Artists is een olieverf van artiestenkwaliteit.

    2. Georgian is een olieverf van studiekwaliteit.

    3. Graduate is een olieverf van supermarktkwaliteit.

  • Winsor&Newton:

    1. Artists is een olieverf van artiestenkwaliteit.

    2. Winton is een olieverf van studiekwaliteit.

    3. Griffin is een olieverf van studiekwaliteit.

Prijzen van olieverf

In de winkel zal je snel merken dat de tubes olieverf verschillen in prijs. De verf wordt namelijk opgedeeld in series. De gebruikte pigmenten bepalen de prijsklasse.
Een
Artiestenverf kost gemiddeld tussen de 10 en de 40 € per tube van ongeveer 40ml.

Een studiekwaliteit kost ongeveer 5 à 7 € voor een tube van ongeveer 40ml.
De verven van lagere kwaliteit verschillen sterk in prijs en meestal heeft iedere tube dezelfde prijs.

*BOVENSTAANDE PRIJZEN ZIJN EEN GEMIDDELDE VAN DE PRIJZEN VAN DE LOKALE KUNST/HOBBY WINKEL LUCAS CREATIV 2018.

 

 Les 2: welke penselen gebruik ik?

 

Zoals je misschien weet bestaan er heel wat verschillende soorten penselen. We kunnen ze onderscheiden in twee grote groepen: penselen met natuurlijk haar en penselen met synthetisch haar. Voor olieverfschilderijen krijgen penselen met natuurlijk haar de voorkeur. Synthetische penselen zijn over het algemeen goedkoper en stugger om mee te werken.

 

Er is keuze tussen zachte haren en harde haren. Hoe zachter de haren, hoe minder duidelijk de penseelstreek is en hoe fijner je kunt werken. Hoe harder de haren, hoe duidelijker je penseelstreek is in de verf. Soms is de keuze heel persoonlijk maar vaak wordt ook gewisseld tussen de verschillende penselen naargelang de techniek die toegepast wordt.

 

 

Natuurlijke penselen voor olieverf van hard naar zacht:

 

Varkenshaar penseel, ook wel “Bristle” genoemd.

Varkensharen hebben gespleten punten. Dit is goed voor de opname van je verf en bepaald ook

meteen de zachtheid van het haar. Hoe fijner het varkenshaar, hoe zachter.

Runderhaar penseel, ook wel “runderoren penseel” of “ossenhaar haar” (ox-hair) penseel genoemd.

Deze haarsoort is opmerkelijk zachter dan varkensharen penseel maar nog lang niet de zachtste.

Het penseel is echt een haarsoort tussenin die veelzijdig is én ook nog eens betaalbaar.

Marterhaar penseel, ook wel “sable”, “red sable” of “pure red sable” genoemd.
Deze haarsoort is zeer zacht en houd veel verf op. Hoewel deze haarsoort – ongeacht de
zuiverheid ervan - uiterst goed is, is er nog een onderscheid. De zuiverste marterharen penseel
krijgt de naam “pure red sable”. Daarna volgt de “red sable” en de “sable”. De prijs wordt
bepaald door 4 factoren: de zachtheid van de haren, de lengte van de haren, de zuiverheid en de
zetting (haaruitval).

Kolinsky marterhaar penseel, ook wel “pure kolinksy” genoemd.
Zijn penselen gemaakt van het allerfijnste marterhaar.

 

De verschillende vormen van (olieverf)penselen:

 

Penselen zijn niet alleen te verkrijgen met verschillende haarsoorten. Ze zijn ook te verkrijgen in verschillende vormen. Bijna bij iedere fabrikant komen drie vormen telkens terug: ronde penselen, platte penselen en kattentongen (ook wel “filbert” genoemd).

 

De keuze van de vorm van het penseel ligt voornamelijk bij het gebruik ervan. Wil je egale of gelijkmatig vlakken? Dan kies je best voor een plat penseel. Wanneer je lijnen, punten en details wil schilderen, opteer je het best voor een rond penseel. Een filbert ligt hier precies wat tussenin en maakt het daardoor een veelzijdig penseel. Naast deze standaardvormen heb je nog heel wat andere penselen zoals slepers (lang haar voor lijnen), waaierpenselen (voor het uitdassen), zwaardpenselen, schaduwpenselen,…

 

 

Les 3: op welke ondergronden kan ik schilderen?

 

De ondergrond waarop geschilderd wordt, noemt men de drager. Met olieverf kun je schilderen op doek, op paneel (hout) of op papier.

 

Schilderen op doek

Wanneer je wenst te schilderen op doek heb je keuze tussen katoen en linnen. Katoen heeft een fijne structuur en is zeer betaalbaar. Katoen is echter niet zo geschikt voor grote formaten omdat ze gevoelig zijn aan temperatuurwisselingen. Hierdoor kan het doek gaan doorhangen. Wanneer je van plan bent om op grote formaten te werken, kies je beter voor linnen. Linnen is namelijk sterker en is minder gevoelig aan temperatuurwisseling. Hierdoor zijn linnen doeken duurder.

 

Als iemand echter wil beginnen met olieverf schilderen, raad ik meestal katoen aan. Er komt namelijk nog een volledig leerproces aan en dit kan perfect op een goedkopere doek. Ook katoenen doeken zijn in verschillende kwaliteiten verkrijgbaar. Koop altijd uw doeken in een kunst/hobbywinkel. Sommigen hebben misschien schrik voor de prijs doordat het een speciaalzaak is. De waarheid is echter dat ook in een speciaalzaak doeken worden verkocht in meerdere prijsklassen. Daar werd een selectie gemaakt zodat er voor elk wat wils is maar alles is uiteindelijk van goede kwaliteit. De prijs van katoenen doeken in niet-speciaalzaken zijn heel laag. Dit zijn een aantal aandachtspunten wanneer je een doek daar koopt:

 

  1. Te dun katoen.
    Dit doek het een grotere kans op scheuren en slap hangen. Indien het frame krom trekt, is het moeilijk om het werk her op te spannen.

  2. Een te licht frame.
    De kans dat het frame krom trekt, is zeer groot. Hoe steviger het hout, hoe beter deze stand houd.

  3. Een slecht geprepareerd doek.

    Hierdoor komt de verf door het doek heen, kan de verf barsten en/of afbladeren. Indien je een goedkope doek koopt, kan je nog een extra laag gesso (primer) op het doek aanbrengen. Deze zorgt voor een betere hechting. Alle doeken in de lokale speciaalzaak zijn voorzien van een primer. Hierdoor kan je meteen gaan schilderen. Sommigen brengen toch een extra laag aan voor een nog betere hechting. Maar in principe werd deze laag al reeds voorzien.

 

Schilderen op hout

Net als een katoenen of linnen doek is hout poreus en uiterst geschikt om op te schilderen met olieverf.

Vooraleer je het hout met olieverf beschildert, breng je voor de zekerheid een laag primer aan. Gesso is hiervoor ideaal. Je kan er ook voor kiezen om een paneel te overtrekken met een doek. Op die manier krijg je een canvasboard. De canvasboard in de zijn winkel zijn meestal uit karton en daardoor trekken ze krom. Werken op deze canvasboards zijn bedoeld om ingekaderd te worden.

 

Schilderen op papier

Tegenwoordig bestaan er papiersoorten specifiek bedoeld om het te beschilderen met olieverf. Dit papier heeft dezelfde structuur als een doek. Dit papier is kant-en-klaar voor gebruik en hoeft in principe niet meer voorzien te worden van een primer. Het kan echter nooit kwaad om een extra laag te voorzien indien je dit wenst. Je kan ook op gewoon papier schilderen. Hiervoor kies je het best een papiersoort van minimum 250 gram en voorzie je het best van een aantal lagen gesso.

 

LES 4: Alla prima schilderen

 

Bij de techniek “alla prima” wordt “nat in nat” geschilderd. Hierdoor wordt geschilderd tot het schilderij af is zodat de verf de kans niet krijgt om te drogen. De verf kan meteen op de drager (bijvoorbeeld: het doek) gemengd worden maar ook op een schilderspaneel. Uiteindelijk bestaat het schilderij uit één laag.

 

LES 5: gelaagd schilderen

 

Wanneer gelaagd geschilderd wordt, bestaat het schilderij uit meerdere lagen. In tegenstelling tot een schilderij vervaardigd met de “alla prima” techniek waarbij in één laag gewerkt wordt.

 

Er moet voldoende droogtijd tussen de verschillende lagen zitten. Op die manier kan de nieuwe laag verf niet vermengd worden met de vorige verflaag. Deze techniek is ietwat delicater. Er moet rekening gehouden worden met het “vet over mager” principe. Men begint met een magere laag – een laag bestaande uit weinig olie – en in de volgende lagen ga je steeds vetter – met meer olie – werken.

Wanneer je geen rekening houdt met de “vet over mager” techniek, zou dit nare gevolgen kunnen hebben voor je schilderij. Mocht je startten met een vette laag dan zou de volgende laag niet kunnen hechten. De bovenste laag zou daardoor barsten.

 

Les 6: verdunners en mediums voor olieverf

 

Olieverf, rechtstreeks uit de tube, is een dikke smeuïge pasta. De verf is samengesteld uit pigmenten gemalen in olie (bindmiddel) en droogsel (siccatief). Er zijn verschillende oplosmiddelen en schildersmediums verkrijgbaar. Deze kun je toevoegen aan de verf op een gewenst resultaat te bereiken.

 

oplosmiddelen:

 

Wanneer je je verf wil verdunnen of aanlengen, gebruik je een oplosmiddel. Hierdoor wordt de verf minder vettig. Als je gelaagd schildert, is dit belangrijk voor de onderste lagen. Dit zijn de verdunners voor olieverf:

 

Terpentijn is een klassiek natuurlijk oplosmiddel.

Terpentine (of white spirit) iets minder gebruikt door zijn sterke geur.

Reukloze terpentine (of reukloze white spirit) is bewerkte white spirit met een geneutraliseerde geur.

 

Schildersmedium:

 

Om de vloei van de verf te verbeteren en de smeuïgheid te bewaren, gebruik je een schildersmedium. Als je gelaagd schildert, is dit ideaal voor de middelste lagen. Dit zijn de schildersmediums voor olieverf:

 

Schildersmedium (“kant-en-klaar”) iedere fabrikant van olieverf heeft een kant-en-klaar schildersmedium in hun gamma.

Lijnolie, papaverolie of saffloerolie zijn standaard bindmiddelen voor olieverf. De oliën kunnen puur gebruikt worden als medium maar ook aangelengd met een oplosmiddel. Het voordeel van papaverolie en saffloerolie is dat ze nauwelijks vergelen.

 

Glaceermedium:

 

Bij gelaagd schilderen is de laatste laag het vettigst. Glaceermedium is het vettigste medium en daardoor ideaal als laatste laag. Op die manier kun je egale transparante lagen creëren waar je strepen en andere details van de voorgaande lagen nog door ziet. Dit zijn verschillende glaceermediums:

 

Glaceermedium (“kant-en-klaar”) iedere fabrikant van olieverf heeft een kant-en-klaar glaceermedium op de markt. Deze zijn een samenstelling van vette oliën en harsen. Het grote voordeel is dat deze mediums niet vergelen en zorgen voor een goede verffilm.

Standolie droogt meestal sneller dan de kant-en-klare glaceermediums. Het nadeel is dat deze licht vergeelt en een hogere glans heeft.

Venetiaanse terpentijn heeft een zeer goede vloeiing en zorgt voor mooie overgangen in de kleuren. Het nadeel van Venetiaanse terpentijn is dat ze vergeelt en de verffilm niet beter maakt.

Alkydmedium heeft een sneldrogende eigenschap. De glans van de verffilm wordt verhoogd maar niet zo sterk als van andere glacis. Het nadeel van dit medium is terug de vergelende eigenschap.

 

Schilderspasta

 

Om olieverf dikker te maken, maakt men gebruik van schilderspasta. Wanneer men dikke lagen pure olieverf op doek aanbrengt, is de kans er dat de verf gaat “rimpelen” bij het drogen. Dit kan men voorkomen door een bepaalde hoeveelheid verf met dezelfde hoeveelheid schilderspasta te mengen. Door de schilderspasta veranderd het droogproces en blijft de verf mooi egaal zonder te “rimpelen”. Men moet wel rekening houden dat de verf iets sneller droogt door de toevoeging van deze pasta. Daarnaast droogt de verf matter op.

 

 

LES 7: KLEUREN MENGEN MET OLIEVERF

 

De klassieke kleurenleer, zoals de kleurenleer van Itten, leert ons dat rood, geel en blauw de hoofdkleuren zijn. De juiste benaming van deze kleuren zijn magenta, primair-geel en cyaan.

 

Magenta is een soort roze. Meng je magenta met een beetje geel, bekom je rood. Voeg je meer geel toe, bekom je oranje.

Primair-geel is geel in zijn zuiverste vorm. Meng je primair-geel met magenta, bekom je oranje. Men je primair-geel met cyaan, bekom je groen.

Cyaan is blauw in zijn zuiverste vorm. Meng je cyaan met primair-geel, bekom je groen. Meng je cyaan met magenta, bekom je lila.

 

Benaming van de kleuren

 

De benaming van de hoofdkleuren kan verschilt vaak van merk tot merk. Dit zijn de meest voorkomende benamingen:

 

Magenta: primary magenta, primary rose, quinacridonerose.

Primair-geel: primary yellow, jaune primaire, citroengeel, azogeel citroen, permanent citroengeel, cadmiumgeel citroen.

Cyaan: primary cyaan, ceruluemblauw.

 

Zwart & wit

 

Naast de hoofdkleuren heeft men ook veel zwart en wit nodig. Het klopt dat je, met de juiste verhouding, zwart kunt bekomen door het mengen van de drie hoofdkleuren. Dit soort zwart is echter nooit zo diep en intens als het zwart die je standaard kunt bekomen.

 

Misschien heb je reeds gemerkt dat er verschillende soorten zwart op de markt zijn. Het verschil tussen Ivoorzwart, Lampenzwart en Oxidezwart betreft de ondertoon van de kleur. Deze wordt het duidelijkst zichtbaar bij het mengen. De ondertonen kunnen blauw-, geel- en roodachtig zijn.

 

Bij wit is het iets makkelijker. Daar heb je twee soorten in. Titaanwit is dekkend wit terwijl Zinkwit, ook wel mengwit, transparant is.

 

Extra kleuren

 

Naast de hoofdkleuren, zwart en wit kiezen schilders er ook vaak voor om een aantal natuurlijke aarde kleuren in hun assortiment te hebben zoals omber naturel, rauwe sienna en oker.

 

Les 8: mijn olieverfschilderij vernissen

 

Wanneer mag ik mijn olieverfschilderij vernissen?

 

Vernis kan pas op een schilderij aangebracht worden wanneer de verf droog is. Sommige mensen schrikken ervan maar olieverfschilderijen vragen toch een lange droogtijd. Gemiddeld wordt een olieverfschilderij pas voorzien van een slotvernis na een jaar droogtijd. Wanneer het schilderij uit dikke lagen olieverf bestaat, wordt zelf langer gewacht.

 

Je kan je olieverfschilderij in tussentijd wel al beschermen. Na drie maanden kan je een retouchevernis aanbrengen op je schilderij. Deze vernis is poreus waardoor de verf rustig kan verder uitdrogen en toch reeds beschermd wordt. Het is ook nog mogelijk om eventuele verbeteringen aan te brengen.

Tip: het vernissen van een olieverfschilderij, kan perfect met een spalter.

 

Soorten vernis

 

Standaard is vernis in twee soorten te verkrijgen: mat en glanzend. Onderling kunnen ze gemengd worden om de gewenste glansgraad te bekomen. Sommige producenten hebben reeds zo’n mengeling kant-en-klaar in hun gamma, te verkrijgen onder de naam “satin”.

 

Matte (en satijn) olieverfvernis dient eerst goed doorroert of geschud te worden voor je ze kunt gebruiken. Het is ook belangrijk om in één richting te werken bij het vernissen, zo ontstaat er een egale glans. Op dat vlak is de glanzende olieverfvernis iets makkelijker. Deze hoeft niet geschud te worden voor gebruik en er mag ook in meerdere richtingen gewerkt worden om het werk te vernissen.

 

Tegenwoordig kan je – naast de traditionele potjes vernis – de vernis ook in spuitbusvorm verkrijgen.

Hierbij houdt je rekening met de werkrichting (die blijft gelden) en op een constante afstand de vernis aanbrengen. Tip: het beste is om vernissen op kamertemperatuur te bewaren.

 

Les 9: aanschaf materiaal

 

Dure hobby?

 

Is schilderen met olieverf een dure hobby? Nee, zeker niet. Net zoals iedere hobby kun je het zo duur maken zoals je zelf wilt. Als beginner hoef je zeker niet de duurste verf en penselen aan te schaffen. Dit zeg ik ook meteen als iemand bij ons in de zaak binnenwandelt en me om advies vraagt. Wel raad ik aan om deze materialen niet aan te kopen in een supermarkt. Om ten volle van de hobby te kunnen genieten, ben ik ervan overtuigd dat je beter met studiekwaliteit aan de slag gaat. Dit is een mooie middenweg. Hierdoor zul je meteen een mooi resultaat boeken en geen teleurstelling kennen door de aanschaf van slechte materialen. Wanneer je merkt dat werken met olieverf echt jou dada is dan kun je eventueel systematisch overstappen. Zodra een verfsoort op is, kun je de artiestenvariant aanschaffen in plaats van de studiekwaliteit. Zo merk je het verschil in aankoop ook veel minder dan mocht je meteen voor artiestenkwaliteit gaan.

 

Wat heb ik nodig om van start te gaan?

 

  1. Olieverf
    Meestal start men met een 10-tal kleuren: de drie hoofdkleuren, zwart en wit, natuurlijke aarde kleuren naar keuze.

  2. Penselen
    Runderharen zijn zachte haren en toch stevig waardoor ze ideaal zijn om te starten. Daarnaast zijn het niet de goedkoopste maar zeker ook niet de duurste penselen. Meestal schaft men 3 – 8 penselen aan. In iedere reeks 1 of 2 diktes, zowel van de ronde, filberts als de platte penselen. Als je van plan bent je schilderij met een spalter te vernissen, kan deze ook eventueel al aangekocht worden.

  3. Oplosmiddel
    Een grote literfles white-spirit (eventueel geurarm), zijn voordeliger dan de kleine hoeveelheden. Dit heb je nodig voor het reinigen van je penselen.

  4. Schildersmedium
    Dit heb je nodig om je verf vloeibaarder te maken.

  5. Drager
    Voor olieverf kun je kiezen tussen werken op doek, paneel of papier. Doeken in de handel zijn meestal reeds voorzien van een aantal grondlagen gesso. Onbehandelde ondergronden dienen zelf behandeld te worden. Gesso kun je ook voordelig verkrijgen in grotere hoeveelheden.

  6. Schildersezel
    In het begin kun je gerust aan tafel schilderen. Sommigen blijven dit zelfs doen. Mocht je toch verkiezen om te gaan werken op een schildersezel geven we je graag een extra woordje uitleg in de winkel. Hierbij let je voornamelijk op de stabiliteit en draagvlak.

  7. Overige benodigdheden

    Een schilderspalet, vodden, paletmes om kleuren te mengen, zeep om je penselen te reinigen,… Zijn extra benodigdheden die goed van pas zullen komen.

 

De meeste olieverfschilders gaan van start met een budget van ongeveer 120 à 150 euro (excl. schildersezel).

 

 

LES 10: inlijsten

 

Wat als je werk af is? Dan kun je ervoor kiezen om je werk te laten inlijsten en te voorzien van een passende kader om het geheel af te werken. In de lokale hobby/kunstenaarswinkel helpen we je graag hier verder mee op weg.

 

Ben je van plan om je werk te laten inlijsten? Dan kan je onze winkel een bezoekje brengen samen met je werk. Hier meten we je werk op en bekijken we de verschillende opties. We krijgen vaak de vraag wat de prijs ongeveer zou kunnen zijn. Daar kunnen we met alle eerlijkheid niet op antwoorden. Alle kaders hebben een verschillende prijs en ook de grootte speelt een belangrijke rol. Daarom geven we altijd het advies je werk mee te brengen voor een correcte offerte. Misschien goed om te weten: de werken die door ons worden ingelijst verlaten onze winkel niet. Alles wordt in ons eigen atelier gerealiseerd.

 

We verwelkomen je graag bij uw volgend bezoek en geven je aangepast en persoonlijk advies.